Auteur: k.dewilde

Introductie nieuwe griffierechtcategorieën voor lage geldvorderingen

Op 28 september is de Eerste Kamer akkoord gegaan met een wetsvoorstel waarin 3 nieuwe griffierechtcategorieën voor geldvorderingen tussen de € 500 en € 5.000 worden toegevoegd.

Waar het griffierecht voor geldvorderingen tussen de € 500 en 12.500 in de huidige situatie € 507 bedraagt, zal dat bij het ingaan van de nieuwe tarieven wijzigen in € 312 (vorderingen van € 500 – € 1.500), € 354 (vorderingen van € 1.500-€ 2.500) en € 472 (vorderingen van € 2.500-€ 5.000).

Eindelijk is een lang gekoesterde wens in vervulling gegaan: dat voor vorderingen vanaf € 500 de griffiekosten meer geleidelijk aan stijgen. Voor vorderingen net boven de € 500 (tot ongeveer € 1.000) blijft het soms wenselijk om de vordering toch nog te beperken met reservering van de rechten op het restantbedrag, als er geen verweer gevoerd wordt. In individuele gevallen zullen wij u hierover adviseren. Voor vorderingen onder € 500 blijft het huidige tarief van € 126 gelden.

Concreet betekenen de tariefswijzigingen voor vorderingen van bedrijven:

Van naar:

Beslag op voertuigen gemakkelijker

Het is namelijk sinds 1 april mogelijk voor deurwaarders om via een inschrijving in het kentekenregister bij RDW beslag te leggen op voertuigen. Dit gebeurt via de computer en biedt tevens de zekerheid dat het voertuig niet kan worden overgeschreven naar een andere persoon. Voorheen moest de deurwaarder een in het RDW geregistreerd voertuig eerst zien, voordat er beslag gelegd kon worden. Dit ‘zien’ van het voertuig kon soms een beste uitdaging zijn, omdat de vraag altijd was of het voertuig voor de deur stond, of misschien wel in een garage of twee straten verder. Deze zoektocht is hierbij dus niet meer van toepassing.

Administratief beslagleggen
Het beslag op een voertuig is een ‘administratief beslag’ geworden. De deurwaarder kan van achter zijn bureau het beslag leggen. Van het beslag op het voertuig, maakt de deurwaarder een proces-verbaal. Deze komt in het kentekenregister van het RDW te staan. Door dit proces-verbaal komt er een blokkade in het kentekenregister. Soms verkochten beslagenen nog hun auto voordat de vordering opgelost was, of zorgde ervoor dat hun auto niet op de afgesproken plek stond. Door deze blokkade kan de auto niet meer worden overgeschreven. De persoon waar het voertuig van is, wordt persoonlijk op de hoogte gesteld van het proces-verbaal door een overbetekening.

Blokkade in het RDW kentekenregister
Het is natuurlijk een voordeel voor de deurwaarder dat de auto niet overgeschreven kan worden en dat er een blokkade komt in het RDW kentekenregister. Er zit ook een nadeel aan; de deurwaarder kan namelijk niet de waarde inschatten van de auto doordat hij deze niet ziet. Als de verwachting namelijk is dat de kosten van het beslag hoger zijn dan de opbrengst, is het niet toegestaan om het beslag te leggen. Het beslagleggen mag namelijk niet alleen dienen om druk te zetten bij de schuldenaar. Als de kosten voor de beslaglegging hoger zouden zijn dan de waarde van de auto, worden de schulden hoger. Het doel van de deurwaarder is altijd om de schuld af te laten nemen.

Niet zien, maar wel waarde vaststellen van een voertuig?
Gelukkig is het tegenwoordig gemakkelijk om de dagwaarde van een voertuig op te zoeken via de website www.anwb.nl/auto/koerslijst. Buiten de dagwaarde van een voertuig om, komen er soms nog extra kosten bij kijken. Vaak is het zo dat er bij een executoriale verkoop van een voertuig vaak geen autopapieren en sleutels aanwezig zijn. Dit brengt administratieve kosten met zich mee. Het overschrijven kan met een proces-verbaal van verkoop in de hand, maar het verkrijgen van de autosleutels zal bij een merkdealer moeten gebeuren.

SRCM, verantwoord incasseren
Al met al een fijne ontwikkeling voor schuldeisers, maar wel met een aantal haken en ogen. Snijder Incasso en Gerechtsdeurwaarders voldoet aan de SRCM-norm voor maatschappelijk verantwoord incasseren. Wij zullen het middel zo goed mogelijk inzetten, met inachtneming van de belangen van álle stakeholders en met inachtneming van de SRCM-normen.

Heeft u nog vragen met betrekking tot dit onderwerp, of heeft u andere vragen? Wij staan u graag te woord. Aarzel niet om ons te benaderen.

Wijzigingen op het gebied van bankbeslagen

Als onbekend is waar de schuldenaar bankiert, dan hebben gerechtsdeurwaarders de mogelijkheid om bij iedere in Nederland gevestigde bank te informeren of de schuldenaar daar een rekening heeft. Dit informeren is alleen mogelijk als er sprake is van een executoriale titel die betekend is.

Conservatoir bankbeslag
Voor conservatoir beslag geldt de mogelijkheid tot informeren niet. Daarvoor is artikel 5 van de Uitvoeringswet verordening Europees bevel tot conservatoir beslag op bankrekeningen van toepassing voor partijen die vanuit het buitenland banken in Nederland bevragen en andersom.

Kosten
De kosten die voor het informeren bij de banken aan schuldenaren in rekening worden gebracht zijn € 85,36. Dit is een zogenaamd BTAG tarief. Deze kosten mogen slechts eenmaal per casus in rekening gebracht worden, ongeacht het aantal informatieverzoeken. Dus in het geval de gerechtsdeurwaarder in een dossier bij 4 of 5 banken informeert, dan mag evengoed slechts eenmaal een het BTAG tarief aan de schuldenaar in rekening worden gebracht. Het proces van informeren is arbeidsintensief en het is dan ook onmogelijk om onbeperkt bij banken te informeren. Indien de kosten van het informeren niet op de schuldenaar verhaald kunnen worden zullen ze bij de opdrachtgever in rekening gebracht moeten worden.

Tuchtrecht
Als de gerechtsdeurwaarder de kosten van het BTAG tarief in rekening brengt bij de schuldenaar, dan mag ook verwacht worden dat de gerechtsdeurwaarder daadwerkelijk tot bankbeslag overgaat als er saldo aanwezig is. Anders zijn deze kosten mogelijk zonder reden gemaakt, wat tuchtrechtelijk onrechtmatig is. Samengevat: het leggen van beslag op een bankrekening is sinds 1 januari 2021 aan strengere regels gebonden. Zonder ‘redelijk vermoeden’ moet eerst geïnformeerd worden bij één of meerdere banken. Het proces van informeren is arbeidsintensief en moet geschieden tegen een vast tarief van € 85,36 voor alle raadplegingen in een zaak. Hierdoor is de gerechtsdeurwaarder beperkt in het aantal keren én het aantal banken waarbij in een zaak geïnformeerd kan worden. De kosten van het informeren moeten bij de schuldenaar in rekening gebracht worden. En wanneer dat gebeurt, dan wordt verwacht dat ook feitelijk beslag gelegd wordt.

AVG en deurwaarder; hoe zit dat?

Als gerechtsdeurwaarder stellen wij zelf het doel en de middelen voor de verwerking van de persoonsgegevens vast. Het verwerken van persoonsgegevens, ook als het gegevens van klanten van opdrachtgevers betreft, valt onder de verantwoordelijkheid van de gerechtsdeurwaarder.

Omdat de gerechtsdeurwaarder tijdens het minnelijke en het gerechtelijke incassotraject verwerkingsverantwoordelijke is en niet uw bedrijf, is een verwerkersovereenkomst niet van toepassing. We hebben op onze website een uitgebreide uitleg geplaatst, deze kunt u vinden op www.snijderincasso.nl/verwerkingsverantwoordelijke.

Let op: nieuwe eisen aan 14-dagen aanmaning

Indien uw particuliere debiteur u niet betaalt dan dient u een 14 dagen brief aan uw debiteur te sturen. Deze brief moet aan specifieke tekstuele eisen voldoen. De Hoge Raad heeft onlangs een uitspraak gedaan over de “14 dagen brief”. De Hoge Raad heeft kort gezegd aangegeven dat de datum van ontvangst van de brief leidend is voor het moment waarop de 14 dagen termijn gaat lopen. Om toewijzing van uw incassokosten door de rechter zo goed mogelijk veilig te stellen adviseren wij u in uw 14 dagen brief de volgende tekst op te nemen:

Wij stellen u nog éénmaal in de gelegenheid binnen 14 dagen het totale bedrag zonder bijkomende kosten te voldoen op ons rekeningnummer ………………… onder vermelding van het factuurnummer ……………………. De termijn van 14-dagen gaat in de dag nadat deze brief bij u bezorgd is.

Let hierbij echter wel op: de Hoge Raad stelt ook expliciet dat de termijn van 14 dagen tevens nog opgerekt moet worden met dagen waarop geen post bezorgd wordt: zondagen, maandagen en officiële feestdagen. Dit betekent dat u daar dus ook rekening mee moet houden wanneer u de kosten daadwerkelijk in rekening brengt. Ons advies is om daarvoor in uw eigen administratie e.e.a. zo in te richten dat het daadwerkelijk boeken van de incassokosten gebeurt op de 19e dag na dagtekening van de brief. Zo gaan wij er ook mee om.

Wij gaan er van uit u met deze informatie van dienst te zijn. Voorbeelden van volledige 14 dagen brieven (inclusief- en exclusief BTW) treft u aan op onze site https://www.snijderincasso.nl/debiteurenbeheer/voorbeeld-aanmaningen

De betreffende uitspraak van de Hoge Raad treft u hier aan: https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:HR:2016:2704

Heeft u toch nog vragen? Aarzel dan niet om contact met ons op te nemen.